De kiem van mijn worsteling met de gereformeerde traditie zoals die zich binnen de GKV ontwikkeld heeft ligt bij allerlei evangelisatie activiteiten waar ik bij betrokken was in mijn studenten tijd: Zo’n 4 jaar lang heb ik iedere vakantie meegedraaid in 1 of 2 projecten van het E&R busproject én heb ik presentaties voor GKV kerken gedaan over E&R. Zoals al vaker gezegd leverde dit vooral vragen met onbevredigende antwoorden op hetgeen mij op een zoektocht stuurde door via reformatorisch, evangelische en charismatisch om het cirkeltje weer rond te maken als post-gereformeerde.
Vandaag keek ik verrast over mijn kop koffie heen naar de beroemde kerknieuwspagina van het ND: Een heus artikel over E&R die aan een soort militaire training doet. Zie hier voor het artikel. Al lezend vielen me drie dingen op:
Als eerste maakt E&R een associatie tussen evangelie en militairen. Dat lijkt me niet bewust maar wel ongelukkig. Ik begrijp dat het vooral stoer is en een goede trekker voor tieners, de groep die soms lastig “naar de tent” te krijgen is. Maar we leven in een wereld waar religie en militaire macht menig onheilig huwelijk zijn aangegaan. Daarnaast had Jezus een nogal pacifistische houding (de gereformeerde traditie is hier niet zo heel erg gevoelig voor helaas). Daarom zou “enige voorzichtigheid en nadrukkelijke afstand” toch op z’n plaats zijn: Als militair geweld op z’n plaats is dan wel hoogstens als “rug tegen de muur” optie. Het is te gruwelijk om te associeren met een spelletje.
Verder staat er tot twee keer toe een quote in van een E&R lid die doet vermoeden dat men bewust mensen vermoeid laat worden omdat ze dan beter bereikbaar zouden zijn voor het evangelie. Zelfs de suggestie voor deze aanpak vind ik abject. Het is ook aanfluiting gezien het thema van de week “relaties tussen mensen”. Een relatie bestaat bij de gratie van respect. De strategie “van afmatten en dan aanpakken” is alles behalve dat!
Tenslotte één van de hete hangijzers zolang E&R bestaat: De nazorg. In de 30+ jarige geschiedenis van E&R is dit al een onopgelost “probleem”, nu is er dus een “nazorgcoördinator”, dat klinkt als een typische GKV oplossing: “Als we er iets voor organiseren gaat het probleem weg.”
Luther gaf ondermeer de christelijke traditie de kreet “kleine Christussen” mee: We zijn allen kleine Christussen voor elkaar en de mensen om ons heen: We leven samen het leven en daarin wordt Christus zichtbaar. Carl Raschke geeft daar een mooie postmoderne draai aan in z’n boekje “globochrist”. Het thema van de besproken E&R week is hier een vage herinnering aan maar de invulling mist driemaal het doel.
De problemen van E&R gaan mijns inziens dieper. Bovenstaande punten zijn symptomen van een failliete evangelisatie methode. Een methode is niet (meer) werkzaam om het verhaal van Jezus en het Koninkrijk te laten zien door samen het leven te leven.

Herkenbaar stukje (ook ik ben ex-E&R).
Helaas zijn veel kerken wel bezig met evangelisatie maar weinig met missionair leven.
E&R
Beste Nico-Dirk,
Je blogt n.a.v. een publicatie in het ND over een militaire activiteit van het E&R project Lathum. Die activiteit en het spreken daarover zijn voor mij nieuw en gelukkig niet karakteristiek voor E&R.
Ik ben een 64-jarige een zij-instromer van E&R. Een jaar of 5 geleden werd ik lid van de landelijke werkgroep Volwassenwerk van E&R en zo werd ik lid van E&R. Ik heb namelijk een visie voor de jongeren organisatie E&R waar ook een klein percentage ouderen (parttimerleden) in mee draait. Door E&R-projectweken (camping- en dorps/stadprojecten; het boulevardproject Scheveningen is anders) worden namelijk niet alleen kinderen en jongeren getrokken, maar soms ook ouderen. Ouderen zijn altijd moeilijk te bereiken voor evangelisatieactiviteiten. Een E&R-lid komt met oudere gasten in contact als ouders van kinderen en jongeren of anderszins, bijvoorbeeld door recreatieactiviteiten voor ouderen. Daarbij is het is betekenisvol dat oudere gasten enthousiaste jonge E&R leden zien werken. Ook is het goed dat oudere gasten jonge en oude E&R-leden spreken. Vorig jaar draaide ik een week mee als teamlid van het campingproject Ermelo als volwassenwerker.
Ik ben een zij-instromer omdat ik als oudere binnen E&R stapte. Gaande weg was ik de betekenis van heilig leven (zout en licht zijn) voor evangelisatie gaan beseffen. Ik hang m.b.t. evangelisatie de Franciscus van Assisi toegeschreven gedachte aan: verkondig het evangelie, desnoods met woorden. Wat Henri Nouwen schrijft spreekt me dan ook aan. In zijn boek Adam spreekt hij over “incarnationeel leven van mensen”. Hij zegt bijvoorbeeld “God is steeds opnieuw tastbaar aanwezig wanneer mensen elkaar ‘in Gods naam’ ontmoeten.” Zelf gebruik is de uitdrukking Christus voorstellen: we stellen met ons heilige leven Christus voor, en soms kan je iemand antwoorden op de vraag ‘wie is Christus?’antwoorden: “zal ik je Hem even voorstellen?” Dat is zowel incarnationeel als expliciet getuigend (www.christusvoostellen.nl)
Toen ik E&R binnenstapte viel het me op dat onder de E&R-leden, inclusief leden van het landelijke bestuur, dit Christus voorstellen probleemloos werd herkend en erkend. Zeker is dat zo als je dit in verband brengt met het ‘beeld van God’ zijn. In interne E&R publicaties kom je sporen ervan tegen. Maar de visie en/of durf ontbreekt om dit Christus voorstellen tot beleid te maken. Het karakter van een jongerenorganisatie als E&R (met inherent daarmee veel wisselingen) binnen de GKV (recent ook formeel iets wijder: CGK en NG) maakt dit Christus voorstellen tot beleid maken nogal lastig. De diepere oorzaak hiervan is dat in de GKV het ‘(missionair) gemeente zijn in Christus en door zijn Geest’ (je kunt niet in het lichaam van Christus prikken of er komt missionair bloed uit) slechts beperkt aanwezig is. Echter zolang voorgangers van de GKV die visie en durf niet hebben zal dat – menselijk gezien – nog wel enige tijd wel zo blijven.
Gereformeerde jongeren hebben veel heilig enthousiasme, meer tijd dan ouderen met een baan, zijn vaak creatief en doen graag dingen samen. Dat maakt hen geschikt voor evangelisatie in bijvoorbeeld E&R.
Wanneer een project een seizoen op één camping meerdere weken draait en dat verschillende jaren achtereen, dan ontstaan er op campings ook persoonlijker contacten van gasten (kinderen, jongeren en ouderen) en leden.We noemen het dan nog geen relatie-evangelisatie, maar er groeit vanaf het eerste contact wel een relatie. Ik meen dat ook in zulke situaties de Geest (door ons) belangrijke dingen kan doen.
Wanneer het een gezond E&R-team is, dan zien gasten enthousiaste jonge christenen aan het werk voor alle doelgroepen. Zo krijgt het leven van gasten (jong en oud) iets smaak (zout) en zien ze op ons gebed dat de Geest werkt (licht). Gods koninkrijk is in beeld.
Dan komt er hopelijk ook een moment dat een E&R lid iets van Koning Christus en zijn rijk kan vertellen. Zo kan ook de kerk in beeld komen. Helaas praten we gauw eerder en meer over de kerk dan dat gasten door ons iets proeven van het koninkrijk van God.
Nazorg bij E&R projecten is lastig, al hoewel er hier en daar wel wat met veel liefde gebeurt. Dan houd ik me graag vast aan het beeld dat evangelisatie een ketting is, soms ben je een eerste schakel, soms een van de middenschakels, en soms de eindschakel. We vertrouwen op de Geest die dit alles creatief leidt.
Het zou goed zijn als meer christenen, en dus ook E&R-leden, naast een groot geloof (krachtig zout en helder licht, koninkrijk van God) beter inzicht en kennis van evangelisatie hadden. Er is vorig jaar binnen landelijk E&R een eerste structurele poging om te komen tot vorming in deze van de leden om mislukt.
Sinds de oprichting van E&R wordt door de leiding wel gezegd dat de belangrijkste betekenis van E&R is dat jonge kerkleden leren wat evangelisatie is.
Het zou interessant zijn om deze stelling eens te onderzoeken. Een steekproef onder oud E&R-leden doet me twijfelen aan de waarheid van deze stelling.
Ik begrijp dat emergingchurchers (met mij) incarnationeel leven voorstaan. Moet je het bestaande E&R systeem loslaten en een alternatief zoeken in een incarnationeel leven? Voor het gesprek over dit soort vragen wil mijn inzending een bijdrage leveren.
Koos van Loo,
Harderwijk
@koos/pa @gerard Zowel Newbigin als Hauerwas leggen de nadruk op de gemeenschap van het Koninkrijk (kerk) als hermeneutiek (Newbigin) of apologie(Hauerwas). Jullie laten zien, ik heb dat ook niet ontkend, dat E&R tijdens de vakantie daadwerkelijk zo functioneert.
Dit versterkt overigens de spanning met incarnationeel leven als burgers van het Koninkrijk 356 dagen in het jaar. De spanning dat je binnen E&R niet “het leven samen leeft” blijft, ze is inherent aan de methode.
Natuurlijk kun je ook zeggen dat én-én mogelijk is: acties en dagelijks leven. Ze zijn ook mogelijk, ik stel alleen vragen bij de acties vanuit hun beperkte incarnationaliteit.
Dag Nico-Dirk,
Vandaag je vrijplaats gelezen in het ND.
Je hebt wat mij betreft heel goed verwoord wat ik al een tijdje denk, voornamelijk dat evangelisatie een zaak is van elke dag, van het gewone leven. Daar word je zelf ook het meest geconfronteerd met hoe je zelf als christen in het leven staat: durf je er echt voor uit te komen? Of doe je dat alleen in de relatief veilige sfeer van zo’n ‘magische’ week? Om het nog scherper te stellen: ben je wel jezelf tijdens zo’n project? Ik ben geen tegenstander van evangelisatie-projecten, maar ik heb er wel vraagtekens bij.
Het gaat mij daarbij niet in de laatste plaats om de teamleden zelf. Naar mijn idee zijn dit mensen die zeer toegewijd christen willen zijn, maar eigenlijk nog zoeken naar de juiste manier. Bij die zoektocht forceren ze zichzelf door té open te zijn in bijvoorbeeld getuigenissen. Ik ben het dan ook niet direct eens met Koos van Loo, dat jongeren bij uitstek geschikt zijn voor evangelisatiewerk.
groet,
arnoud
Schuif je nu niet te snel E&R van je af? Kan het niet én-én zijn? *Het is vooral een sportactiviteit in een militair jasje. De link tussen religie en geweld wordt hier niet gemaakt. *Is het moe maken van mensen per definitie disrespectvol? *Is dit niet ook een vorm van kleine Christussen zijn, gewoon leuke activiteiten organiseren? Inherent aan een vakantieactiviteit is de tijdelijkheid, maar wees blij dat er nog over nazorg gedacht wordt. Wat wil je dan? Dat mensen maar stoppen met tijdelijke projecten? Of dat een lokale kerk het hele werk moet doen? *Hoewel ik het probleem herken van hoe het Evangelie door te geven aan mensen in deze tijd, vind ik ‘failliete evangelisatiemethode’ te ver gaan. (Ieder die er mee bereikt wordt, is er één.)
@gerard, ik vind het moe maken van mensen om ze ontvankelijker te maken voor het evangelie niet respectvol. Prima als je lekker fysiek aan de slag gaat. In het artikel in het ND van zaterdag graaf ik een spa dieper om het “bereiken van” mensen ter discussie te stellen in een postchristelijke samenleving. Komende wk ga ik hierop verder in een nieuwe post.
Beste Nico-Dirk,
Reeds enkele jaren geef ik catechesatie aan kinderen tussen de de 14 en 16 jaar. Hierdoor wordt je als ‘leek’ gedwongen om meer in de Bijbel te spitten. Wat ik door de tijd steeds meer ontdekte is dat alles wat in de samenvatting van de wet wordt gezegd misschien wel het belangrijkste is in ons leven. God liefhebben en daarnaast je naaste. In de evangelieen zie je ook dat Jezus daar regelmatig op hamert. Wanneer je dat toepast in alle kleine en grote dingen van het leven dan is dat evangelisatie op zich. (Aan de boom kent men de vrucht) We leven in een tijd dat niemand tijd heeft maar op het werk, in de buurt, bij de sportschool, enz. altijd je naaste lief te hebben zal tot resultaat hebben dat je als christen op gaat vallen. Dat kan een goed gesprek tot gevolg hebben. Je kan naar vereniging gaan, de huiskamergroep, praiseavonden mee beleven, in de evangelisatie commissie zitten, maar de meeste mogelijkheden krijg je op de plaats waar je bent gesteld.
Wanneer God op de eerte plaats komt is het denk ik ook gepast ons wat meer integer op te stellen.
Beste Nico-Dirk,
Afgelopen week heb ik jouw reactie gelezen op het eerdere artikel over E&R Lathum, nadat ik terug ben gekomen uit Lathum. Ik heb er even over nagedacht wat je hierover schrijft en wil graag op persoonlijke titel een reactie geven op de door jouw getrokken conclusies.
In de vrijplaats is jouw belangrijkste conclusie, dat op basis van o.a. jouw eerdere (E&R) evangelisatie-ervaring, evangelisatieacties niet meer van deze tijd zijn en we het geloof alleen maar moeten communiceren in een gedeeld leven tussen christenen en niet-christenen.
Wat betreft evangelisatieacties en een gedeeld leven, zet jij deze tegen elkaar af. In mijn ogen sluiten ze elkaar zeker niet uit en kunnen zelfs vaak complementair zijn. Door diverse evangelisatieacties, waaraan ik heb mogen meewerken, zijn mijn ogen meer en meer geopend en heb ik veel geleerd over onze ‘grote opdracht’. Het evangelie moeten we niet voor onszelf houden, maar uitdragen. We mogen hierover anderen vertellen, maar zeker belangrijk is hierbij onze levensstijl en de omgang met de ander. Hoe kunnen we nou iets verkondigen en vragen, als we er zelf niet naar handelen…
Ik roep net als jou graag een ieder op om een levend getuige van Jezus te zijn in je naaste omgeving en gelukkig zie ik steeds meer christenen om mij heen, die zich hiervan bewust zijn en naar handelen. Dit kan mij niet snel genoeg gaan binnen onze kerken, al ben ik wel realist. Zo ben ik afgelopen jaar in mijn ‘eigen’ gemeente betrokken geweest bij vergroten van onze missionaire bewustwording als christen en gemeente, maar heb daarbij gemerkt, dat dit voor vele gemeenteleden compleet nieuw is of anders onbekend. Dit is natuurlijk erg jammer, al is het aan de andere kant ook niet zo verbazingwekkend. Bij de meeste van ons is evangelisatie/missionair zijn in onze opvoeding/onderwijs niet of nauwelijks aan bod gekomen en anders meestal meer theoretisch dan praktisch.
Evangelisatieacties, zoals o.a. E&R, hebben naar mijn mening zeker nog nut. Middels deze acties zijn er mogelijkheden om andere en nieuwe mensen te kunnen bereiken dan in onze eigen omgeving/leefwereld. Als vrijwilligers kunnen we activiteiten organiseren om niet-gelovigen te vermaken. Daarbij kunnen we laten zien (voorleven) hoe christenen onderling met elkaar omgaan, maar bovenal dat er liefde, aandacht en tijd is voor niet gelovigen. In onze materialistische en gebroken wereld is dit bijzonder en valt op en geeft dit aanknopingspunten om te kunnen getuigen over Jezus. Dus ook in de evangelisatieacties kunnen we samen leven met de ongelovige. Misschien is deze periode korter dan in onze eigen leefomgeving, maar ook daar leven niet elke dag samen met de ongelovige.
Bij o.a. E&R Lathum waar ik sinds de start meedraai, zie ik dat door onze komst en activiteiten mensen (nog steeds) aan het veranderen zijn. Er zijn een groot aantal jongeren, maar ook ouderen die serieus bezig zijn met het evangelie. O.a. een groot aantal Bijbels is uitgedeeld, welke ook gelezen worden, blijkt wel uit de vragen die ik heb gekregen.
Dat die veranderingen ook voor anderen zichtbaar is, blijkt bijvoorbeeld wel uit de reactie van de campingeigenaar, die heeft aangegeven, dat het rustiger op de camping is en er minder wordt vernield.
Dit is alleen niet exclusief bij E&R, maar ook bij andere evangelisatieacties heb ik mogen zien, dat mensen veranderen wanneer ze in aanraking komen met het geloof.
Sommigen zullen wellicht vragen, hoeveel mensen zijn er nu bekeerd en gaan naar de kerk? Ik kan hier geen compleet antwoord op geven, maar naar mijn mening is dit ook niet aan ons om dit te beoordelen. Het is niet als een bakker die brood verkoopt en aan het eind van de dag de balans opmaakt, dat hij zoveel broden heeft verkocht. Het bekeringsproces is voor de meeste ongelovige een langdurige proces, wat vaak vele jaren duurt. Dit blijkt uit onderzoeken onder toetreders, maar ook in mijn eigen gesprekken met toetreders is dit door hun bevestigd. Het is een doorlopend proces met ups en downs, wat zelfs doorloopt nadat ze belijdenis hebben gedaan. De keuze voor God heeft verstrekkende gevolgen o.a. op het gebied van bijvoorbeeld levenstijl en tijdsbesteding.
Wat betreft de inhoud van onze boodschap, is dit naar mijn mening maatwerk. Voor de ene ongelovige is de claim ‘Jezus is Heer’ een brug te ver, maar een andere ongelovige heeft geen probleem hiermee, maar loopt op een ander vlak vast. Door goed te luisteren naar de ongelovige horen we, waar de ander mee zit of tegen aanloopt. Ik heb geleerd, dat evangeliseren meer luisteren naar en ondersteunen van de ander is, dan preken om maar zoveel mogelijk informatie over het evangelie te willen vertellen. Belangrijk is om de informatie te doseren en tijd te gunnen aan de ongelovige om het eigen te maken. Laten we niet vergeten, dat het bij de meeste van ons, ook die christelijk zijn opgevoed, ook vele jaren van opvoeding en onderwijs heeft gekost.
Dan blijft er natuurlijk de uitdagingen rond nazorg, nadat de acties is afgelopen. Mijn ervaring is dat dit in elk evangelisatietraject moeilijk blijft. Dit is al van jaren en mijn verwachting is, dat dit in de toekomst ook niet snel zal zijn opgelost. Dit is niet exclusief voor evangelisatieacties, want ook in de door jouw voorgestelde wijze om samen te leven met de ongelovige gaat de nazorg door diverse omstandigheden regelmatig mis. Het is naar mijn mening zeker geen reden om een evangelisatiemethode af te schrijven.
Elke keer wanneer we in gesprek/contact zijn met een ongelovige, moeten we ons bewust zijn, erover nadenken en in overleg met de ongelovige kijken hoe we hem kunnen helpen.
Zo ook de genoemde nazorgcoördinator in het artikel. Dit is geen doel op zich, maar een middel. De coördinator is bedoeld om er meer aandacht voor te hebben, maar blijft voor een groot gedeelte mensenwerk en een gast moet dit ook willen. Daarbij zijn gebed voor de ongelovige, maar ook vertrouwen in en overgave aan God, dat hij het evangelie in de harten moet werken van essentieel belang. Wij als christenen kunnen geen mensen bekeren, maar we hebben wel een opdracht om de ongelovige hier maximaal bij te helpen.
Tenslotte ben ik in jouw artikel, maar ook je blogpagina, helaas veel cynisme en negativiteit tegengekomen, zoals ik dit helaas vaker tegenkom in onze gereformeerde wereldje. Ik ervaar dit als erg jammer en weinig stimulerend, zeker in een tijd waarin wij als Christenen een minderheid zijn geworden. Natuurlijk moeten we altijd kijken naar dingen die we kunnen verbeteren en dichter bij God kunnen brengen, maar laten we met elkaar kijken naar de zegeningen die we hebben en elkaar proberen op te bouwen, zonder direct de ander of methode af te branden. Zeker als deze naar mijn mening gebaseerd is op gedeeltelijke informatie, waaruit direct een vergaande conclusie is getrokken. Laten we als christenen gezamenlijk bouwen aan het koninkrijk van God met de diversiteit die we van God heb gekregen.
Edwin Poot
@edwin
dank voor je uitgebreide reactie! Mijn artikel in ND heeft een argumentatie lijn die niet gebaseerd is op E&R. Ik duidt (zij het kort) de klassieke problemen én -zegeningen van E&R. De meeste reageerders die het niet met me eens zijn ontkennen geen van beide maar leggen nadruk op de zegeningen en menen dat deze voldoende zijn om door te gaan. In het licht van een postchristelijke samenleving waarin de GKV functioneert in een christelijke subcultuur vindt ik dat niet. Dat is het tweede stuk van mijn artikel, waar nog geen reactie op is gekomen. In het tweede deel probeer ik te beargumenteren dat de wereld anders is geworden de laatste decennia en dat daarom evangelisatie acties hoogstens binnen een context van gedeeld leven relevant zijn. Ik wil daarmee overigens geen tegenstelling schetsen maar een prioriteit aan geven.
Cynisme en negativiteit, op mijn blog ventileer ik idd wel eens cynisme, een blog is tenslotte ook een uitlaatklep. In het artikel wil ik dat niet. Wijs het gerust aan! Maar je hebt wel gelijk dat ik geen toekomst zie voor “ons gereformeerde wereldje” en in de 4 jaren dat ik nu postgereformeerd blog heb ik daar een aantal argumenten voor geformuleerd (deze is meest recent en afgewogen). Ik zou zeggen: je bent welkom om daarop te reageren.